© Ruurd Polet

Elk spel heeft regels en afspraken. Of je het nou over schaken, klaverjassen of voetbal hebt, elke deelnemer zorgt dat hij / zij ze kent en probeert zich hieraan te houden. Ook bij het (wedstrijd)zeilen met de Micro Magic hebben we een aantal voorrangsregels en "spelafspraken", waaraan elke deelnemer zich zal moeten houden. Aan deelnemers die nog onbekend zijn met de zeilregels kan ik het advies geven om aan ervaren zeilers tekst en uitleg te vragen. Bij goede uitleg zal blijken dat het allemaal niet zo moeilijk is als sommigen denken.
 
We hebben de regels in vier blokken ingedeeld:
 
Algemene regels Eenvoudig deel, maar staat niet voor niets bovenaan. Het zijn eigenlijk gedragsregels, dus niet uit het hoofd leren, maar gewoon doen.
 
Basisregels Erg belangrijk deel.  De basisregels moet je kennen en begrijpen. Ook de tegenstanders verwachten dat je je er aan houdt.
 
Starten en Finishen Vrij lastig deel. Deze regels zijn nodig bij begin en einde van elke wedstrijd, dus bestuderen maar.
 
Bij boeien Ook een lastig deel, vergelijkbaar met "start en finish". Bij boeien kom je elkaar altijd tegen, dus zeker het bestuderen waard.

Bij het toepassen van de regels zijn twee zaken belangrijk: (1) wees duidelijk in koers en aanroep (2) voorkom problemen en geef een ander altijd de kans om zonder schade weg te komen. Bedenk dat over het algemeen niet de regels de oorzaak van ruzies zijn, maar juist het NIET TOEPASSEN van deze regels. Ook al stel je maar één regel op, wanneer deze niet nageleefd wordt krijg je ook ellende.

Op deze pagina doe ik een poging de belangrijkste regels te beschrijven en hopelijk op begrijpelijke wijze te verduidelijken. De regels en terminologie worden met afbeeldingen en foto's van voorbeeldsituaties verduidelijkt. Mocht je nog op- of aanmerkingen hebben stuur ze me dan per email toe.

Wanneer er een "pin" achter de regel staat, kun je de bijbehorende afbeelding bekijken door op de pin te klikken
 

Algemene regels

 
  1. Sportief en eerlijk zeilen.
    De regels spreken over voorrang krijgen en niet over voorrang nemen. Bij modelzeilboten zit je niet aan boord en bekijk je alles op afstand. Een inschattingsfout is dan ook heel snel gemaakt en iedereen maakt wel eens een foutje. Wees daarom altijd sportief en eerlijk. Maak je een fout, ga hier dan niet over discussiëren, maar herstel je fout (zie ook regel 4) zonder gezeur.
     
  2. Aanvaringen altijd proberen te vermijden, ook als je voorrang hebt.
    Voorkom ten allen tijde schade door aanvaringen. Je mag een andere boot niet in de problemen brengen en moet hem altijd de kans geven om vrij te blijven.
     
  3. Een andere boot aanroepen.
    Wanneer je andere boot aanroept omdat je voorrang hebt, moet je duidelijk het nummer van de betreffend boot noemen. Bijvoorbeeld:"Bakboord, 225" of "Nummer 17, Loeven". Schelden is verboden!
    Advies: roep een ander op tijd aan, dan heeft hij ook voldoende tijd om te reageren.
     
  4. Bij "overtredingen" zo snel mogelijk ruimte zoeken en één strafrondje (360o) draaien, zonder andere boten te hinderen.
    Iedereen maakt wel eens een fout, het belangrijkst is dit te erkennen en je fout goed te maken door een strafrondje te draaien. Na een fout moet je zo snel mogelijk vrij water opzoeken om je strafrondje (360o) te draaien. De straf moet in ieder geval in hetzelfde rak worden genomen. De boot die een strafrondje draait heeft geen voorrang op andere boten en mag dezen dan ook niet hinderen.
    Wees er attent op dat je altijd over dezelfde boeg weer verder vaart (geen driekwart rondjes). In een strafrondje zit altijd 1 x overstag gaan en 1x gijpen (kan ook in omgekeerde volgorde).
     
  5. Plezier in het zeilen hebben.
    Deelnemen aan de Micro Magic Wedstrijden doe je, omdat je plezier in het (wedstrijd)zeilen met de Micro Magic. Dat willen we met z'n allen zo houden!

     

Basisregels

 
  1. Bakboord heeft voorrang op Stuurboord.
    Wanneer twee boten, die over verschillende boeg liggen elkaar tegenkomen, moet een boot over Stuurboord uitwijken voor een boot over Bakboord.
    Advies: roep de andere boot op tijd aan (voorbeeld: "Nummer 522, Bakboord")
     
  2. Loef wijkt voor Lij.
    Wanneer twee boten over dezelfde boeg liggen moet de Loefwaartse boot vrij blijven van de Lijwaartse. Als de boot aan Lij gaat oploeven moet de Loefwaartse boot mee.
    Advies: wanneer je een andere boot wilt oploeven, roep hem dan op tijd aan (voorbeeld: "Nummer 532., Loeven")
     
  3. Boot Vrij Voor of Vrij Achter.
    Een inhalende boot moet vrij blijven van zijn voorganger (denk ook aan regels 1 en 2). Het is dus verstandig om niet een te dicht bij de andere boot langs te varen.
     
  4. Vrij blijven tijdens het Overstag gaan of Gijpen.
    Wanneer je Overstag gaat of Gijpt heb je geen voorrangsrechten, pas wanneer je weer duidelijk over een boeg ligt kun je weer voorrangsrechten krijgen. Wanneer je vlak bij een andere boot overstag gaat /of gijpt moet de ander ook de in de gelegenheid zijn om uit te wijken. Ditzelfde geld ook bij Loef en Lij situaties.
    Advies: draai alleen als er voldoende ruimte is om dit zonder problemen uit te voeren (dit geldt zowel bij overstag gaan als bij gijpen).
     
  5. Ruimte voor de wal / hindernis.
    Wanneer boten naar een wal, steiger of andere grote hindernis varen heeft de boot die op de hindernis dreigt te stranden recht op ruimte om overstag te gaan of te gijpen. Ook als dit betekent dat een andere boot eerst moet wegdraaien.
    De boot die ruimte wil hebben moet de andere wel aanroepen (voorbeeld: "nummer 27, ruimte voor de wal")

     

Starten en Finishen

  1. Je hebt geen recht op ruimte bij boeien van de startlijn of finishlijn.
    Hier gelden de voorrangsregels: een boot over Stuurboord moet uitwijken voor één over Bakboord en een Loefwaartse boot moet vrij blijven van een Lijwaartse. In het laatste geval kan de Lijwaartse boot een Loefwaartse boven de (start)boei loeven.
    Advies: vaar niet halve wind (en met snelheid) op één of meer Micro's in die al bij de startboei liggen te wachten, je hebt geen recht op ruimte en verpest een ander zijn start en wedstrijd)
     
  2. Een boot moet voor het startsein volledig onder de startlijn blijven.
    Een boot die voor het startsein al over de lijn vaart (te vroege start) moet terugkeren tot onder de startlijn en opnieuw starten. De starter bepaalt wie te vroeg is en roept het nummer van de betreffende boot. Deze boot dient terug te keren zonder andere boten te hinderen. Wordt er toch doorgevaren dan volgt een diskwalificatie (in vaktermen een OCS). 
    Zijn er teveel boten over de lijn, dan kan de starter bepalen dat er een Herstart zal volgen. Iedereen moet dan zo snel mogelijk weer achter de lijn terugkeren voor een nieuwe start.
     
  3. Een boot is gefinisht als voorste deel op de finishlijn komt.
    Een boot finisht op het moment dat de neus (meestal eerste deel van de boot) op de finishlijn komt. De boot hoeft er dus niet eerst volledig over heen te zijn.

     

Bij boeien


 
  1. De wedstrijdbaan correct varen.
    In de aankondiging/wedstrijdbepaling of tijdens een palaver wordt de wedstrijdbaan aangeven. Om een geldige wedstrijd te varen moet je op de voorgeschreven manier starten, elke boei aan de voorgeschreven kant voorbij varen, het aangeven aantal ronden varen en op de juiste wijze finishen.
    Passeer je boeien aan de verkeerde kant of sla je boeien over, dan vaar je een ongeldige wedstrijd en telt het behaalde resultaat niet. Voorbeeld van een wedstrijdbaan:
     
  2. Het raken van boeien is toegestaan.
    Anders dan in de normale zeilwereld mag de MM een boei raken zonder gestraft te worden. Het raken van een boei haalt de snelheid volledig uit de boot of erger je blijft hangen. Je hebt meer nadeel dan voordeel bij het raken van de boei.
    Wel moet je de boei aan de voorgeschreven kant passeren. Doe je dit niet, dan moet je terugkeren en de boei alsnog ronden.
     
  3. Je hebt geen recht op ruimte bij boeien die je op een aan-de-windse koers nadert.
    Bij de boei die je aan-de-wind (de bovenboei, meestal de eerste boei na de start)  moet ronden gelden de normale basisregels: een boot over Stuurboord moet uitwijken voor één over Bakboord en een Loefwaartse boot moet vrij blijven van een Lijwaartse. In het laatste geval kan de Lijwaartse boot een Loefwaartse boven de boei loeven.
     
     
  4. Bij alle andere boeien moet je alle boten die dichterbij de boei zijn en tussen jouw boot en de boei liggen ruimte geven om de boei te ronden.
    Bij modelzeilboten wordt een denkbeeldige cirkel van zes romplengten (bij de MM ruim 3 meter) om de boei geprojecteerd. Wanneer je deze cirkel binnenvaart moet je de boten die tussen jouw MM en de boei liggen ruimte geven om de boei goed te kunnen ronden. Boten die op datzelfde moment nog vrij achter liggen mogen zich niet meer tussen jouw boot en de boei binnendringen.
     

 

TERMINOLOGIE
 

Bakboord. Bakboord is links. Een boot vaart over bakboord als het grootzeil (giek) aan de linkerkant van de boot staat (van achter gezien). Er wordt in deze situatie gezegd dat de boot over Bakboordsboeg vaart.  

Stuurboord. Stuurboord is rechts. Een boot vaart over stuurboord als het grootzeil (giek) aan de rechterkant van de boot staat (van achter gezien). Er wordt in deze situatie gezegd dat de boot over Stuurboordsboeg vaart. 

Oploeven is naar de wind toe sturen, over het algemeen moet je dan ook je schoot aantrekken.

Afvallen is van de wind af sturen, dit gaat samen met het vieren van de schoot.

Overstag gaan gebeurt op een aan-de-windse koers en is het moment waarop je door de wind gaat (het zeil klappert in de wind) tot het moment dat het zeil weer over de ander boeg vol staat en je dus over de andere boeg zeilt.

Gijpen. Bij gijpen draai je van de wind af tot voor de wind. Vervolgens val je nog verder af totdat de giek over komt (gijpmoment) en je over een nieuwe boeg komt te liggen.

Vrij Voor en Vrij Achter. Dwars op de spiegel (achterkant) trek je een denkbeeldige lijn, elke boot die hier achter ligt, ligt Vrij Achter. Zelf lig je dan Vrij Voor. De boten kunnen over dezelfde boeg liggen, maar ook over verschillende (de ene BB en andere SB).  
Dit is belangrijk bij toepassing van regel 3, 4 en 7.

Boord aan Boord. Ook hier trek je een denkbeeldige lijn haaks op de spiegel van je boot. Elke boot die met de boeg (punt) of verder voorbij deze lijn ligt, ligt met jouw boot Boord aan Boord (ook wel overlap genoemd). Dit geldt natuurlijk ook anders om.
Dit is eveneens belangrijk bij toepassing van regel 3, 4 en 7.

Loef en Lij. De loefzijde van en boot bevindt zich aan de kant van de wind (hoge kant), de andere kant heet de lijzijde (lage kant, deze drukt zich bij harde wind in het water). Een boot die zich aan de wind kant (loefzijde) van een ander boot bevindt is de Loefwaartse boot. De andere is dan automatisch de Lijwaartse boot. In dit verband spreek men ook wel over Boven (loef) en Onder (lij).

Een andere boot oploeven, oftewel een "Loefduel". De lijwaartse boot mag een loefwaartse boot gaan oploeven, dus richting van de wind sturen. De loefwaartse boot moet hier altijd op bedacht zijn. Het is wel zo sympathiek als de lijwaartse boot de ander aanroept met de kreet "MM 88, loeven". De enige beperkingen in het loeven krijg je als er hindernissen zijn (de oever, een steiger of een andere boot met voorrang), dan moet de lijwaartse boot (tijdelijk) stoppen met loeven.

Vrij blijven. Ten opzichte van een andere boot zoveel ruimte vrij houden, dat je niet direct met de ander in aanvaring kunt komen. Dit houdt ook in dat als je een andere boot in gaat halen, je voldoende afstand bewaart om te kunnen reageren op acties van de ander.

Ruimte geven. Bij boeien en hindernissen moet je een ander boot soms ruimte geven. Dit houdt in dat je de ander zoveel ruimte geeft dat hij vrij kan manoeuvreren, zonder dat hij meteen met jouw boot of de hindernis in aanraking kan komen.

Rak. Een rak is een deel van de baan, wat tussen twee boeien ligt. De naam van een rak is afhankelijk van de koers. Voorbeelden: een rak tegen de wind in wordt het in-de-windse rak of kruisrak genoemd, een rak wat je met de wind mee vaart is het voor-de-windse rak

 

De officiële regels voor het zeilen met radiografisch bestuurde zeilboten zijn in een Internationaal Wedstrijdreglement vastgelegd en beschreven in een appendix. Wanneer je belang hebt bij een wedstrijdreglement kun je dit via het Watersportverbond bestellen. Een makkelijker en goed leesbare versie met verduidelijkende tekeningen is door Henk Plaatje (ook van het Watersportverbond) samengesteld.